Rond de Markt en langs de Oude IJssel staan in Doetinchem veel oudere panden, waar boven of achter een winkel vaak ook gewoond wordt. Onder een groot deel van die gebouwen ligt een kruipruimte. Niemand komt er graag, en juist daardoor kan een muizenprobleem er lang onopgemerkt blijven. Of u nu een woning heeft of een zaak runt: een korte inspectie in het najaar geeft veel duidelijkheid.
Waarom muizen onder de vloer kruipen
Doetinchem is een stad met een dorps randje. Buiten de bebouwing liggen maisvelden, weilanden en houtwallen, en daar leven muizen het grootste deel van het jaar. Als de maïs van het land is en het kouder wordt, schuiven ze op richting de bebouwing. Een kruipruimte is dan een prima tussenstation: beschut, donker en vaak met leidingen die warmte afgeven.
In het centrum zijn panden soms met elkaar verbonden via de fundering of oude doorgangen. Wat bij de bakker naast u naar binnen glipt, staat dus zomaar onder uw eigen vloer. In Overstegen, Wijnbergen en De Huet, waar meer rijtjeshuizen en twee-onder-een-kappers staan, lopen muizen vaak via de spouwmuur van de kruipruimte naar boven.
Het stappenplan in vier rondes
Deel de controle op in vier korte rondes. Zo vergeet u niets en houdt u het overzichtelijk.
Ronde 1: de buitenkant. Loop eerst om het gebouw heen. Bekijk de ventilatieroosters onderin de gevel en kijk of ze heel zijn en of er gaas achter zit. Let ook op de plekken waar kabels, water of gas het pand binnenkomen. Een kier van een paar millimeter is voor een muis al genoeg.
Ronde 2: het luik. Open het kruipluik en schijn met een sterke lamp rond de opening. Keutels, knaagsporen aan het hout of plukjes isolatie op de rand wijzen op een looproute. Laat het luik even open en luister. Geritsel of gepiep verraadt soms meer dan wat u ziet.
Ronde 3: onder de vloer. Trek oude kleding, handschoenen en een stofmasker aan en kruip een stukje naar binnen als dat veilig kan. Volg de muren, want daar lopen muizen het liefst. Zoek naar:
- donkere keuteltjes die op hagelslag lijken, vaak in groepjes langs de muur;
- aangevreten of losgetrokken isolatiemateriaal;
- knaagsporen aan kabels, leidingen of houten balken;
- een hoopje zacht materiaal in een hoek, mogelijk een nest.
Ronde 4: binnen in het pand. Sluit af met een blik in de meterkast, het keukenkastje onder de gootsteen en de ruimte achter apparaten die tegen de buitenmuur staan. Muizen uit de kruipruimte komen hier vaak naar boven. Maak van alles foto’s, zodat u over een paar weken kunt vergelijken.
Na de controle: dichten en voorkomen
Vond u openingen, dan is het tijd om die af te sluiten. Vervang kapotte roosters door roosters met fijnmazig RVS-gaas, zodat de ventilatie blijft werken. Vul gaten rond leidingen met staalwol en werk die af met kit of mortel. Een luik dat niet goed aansluit, krijgt een tochtstrip.
Haal oude dozen, planken en ander materiaal uit de kruipruimte, want dat biedt schuilplekken. Bewaar voorraden in de keuken of het magazijn in afgesloten bakken. Zet zelf geen gif onder de vloer: een dode muis op een onbereikbare plek gaat flink stinken, en gif is niet veilig voor kinderen en huisdieren.
Als ondernemer extra alert
Voor wie een lunchroom, bakkerij of winkel met eten heeft in het centrum, zijn muizen meer dan een ergernis. Sporen in een voorraadkast kunnen leiden tot problemen bij een controle en schade aan de naam van uw zaak. Neem een kruipruimte onder uw bedrijfspand daarom mee in uw vaste schoonmaak- en controlerondes.
Blijft u verse keutels vinden, of duiken de muizen na een paar weken toch weer op? Op dat moment haalt u beter iemand met vakkennis erbij. Een vakman die gespecialiseerd is in ongediertebestrijding Doetinchem kent de oude panden in het centrum en weet waar hij moet zoeken. De bestrijders zijn 24/7 bereikbaar en ook in Gaanderen en Wehl snel ter plaatse.
Het Kennis- en Adviescentrum Dierplagen (KAD) zet de biologie van muizen overzichtelijk op een rij, handig als u wilt begrijpen waarom ze doen wat ze doen. Een uurtje kruipen in het najaar voorkomt dat u in de winter met een volle kruipruimte zit.






